De opstappers bij het reddingstation in Burghsluis waren vrijwillige bemanningsleden van de reddingsboot. Zij gingen mee op de boot wanneer er een schip in nood was.
Wat deden de opstappers?
De opstappers hadden verschillende taken op de reddingsboot:
-
Meevaren met de reddingsboot om mensen op zee te redden.
-
Roeien of helpen bij het sturen van de boot.
-
Schipbreukelingen aan boord helpen en verzorgen.
-
Helpen bij het lanceren en binnenhalen van de reddingsboot vanaf het strand of de haven.
Wie waren deze mensen?
-
Meestal waren het vissers of dorpsbewoners uit de omgeving.
-
Ze deden dit vrijwillig en vaak naast hun gewone werk.
-
Het was gevaarlijk werk, vooral tijdens stormen op de Noordzee.
Waarom heetten ze “opstappers”?
Ze werden zo genoemd omdat ze op de reddingsboot stapten wanneer er een reddingsactie nodig was.
Kregen zij een vergoeding of salaris?
In het verleden (bijvoorbeeld rond de tijd vóór en vlak na de Tweede Wereldoorlog) bestond er geen vaste, wettelijke vergoeding zoals tegenwoordig. Opstappers en redderbemanningen waren vrijwel altijd volledig vrijwillig, en eventuele compensaties of beloningen kwamen in de vorm van:
-
symbolische bedragen of giften van lokale donateurs of de reddingsmaatschappij zelf;
-
onderscheidingen en medailles als waardering voor inzet bij grote reddingsacties;
-
soms kleine bijdragen om onkosten te dekken — maar géén salaris zoals bij betaalde beroepen.
Dit patroon was gebruikelijk bij marine‑ en reddingsdiensten in die periode: mensen zetten zich belangeloos in, en financiële beloning speelde weinig tot geen rol.